Je bent nieuw in de sector. Hoe voelt dat?

noa

Sinds 2015 ben ik al actief in ons familiebedrijf. Gestart onderaan de spreekwoordelijke ladder, als jobstudent. Hierdoor kon ik al proeven van de verzekeringswereld. Ik merkte toen al op dat deze sector mij zeker zou bevallen: Het klantencontact, contracten digitaal opmaken, telefonisch de klanten te woord staan, klanten hun vragen oplossen, etc.

In de verzekeringswereld komen verschillende factoren om de hoek kijken. Als ik hoor dat mensen met veel jaren ervaring nog alle dagen bijleren (ons beroep is dan ook onderhevig aan constante veranderingen), zal ik de komende jaren nog serieus moeten bijbenen. Er zullen nog heel wat opleidingen moeten worden gevolgd.

En dit levenslang: constante bijscholing is een noodzaak om bij te blijven in onze verzekeringswereld in verandering.

Waarom heb je gekozen om in de familiezaak te stappen?

Toen ik merkte dat mijn vader (Carlo Van Raemdonck) zijn job zo met passie deed, kon ik niet wachten om in zijn voetsporen te treden. Wanneer men merkte dat de zaak steeds meer uitbreiding nam, was het opnieuw nodig dat er een extra medewerker het team kwam versterken.

Nochtans diende ik eerst nog via AXA Belgium het beroep te leren op de makelaarsschool. Een gespecialiseerde richting voor personen die in een korte periode het diploma van verzekeringsmakelaar willen bekomen. Op een halfjaar tijd heb ik deze studie met succes kunnen afronden. Ik kreeg hier 20 examens betreffende alle verzekeringstakken. Met dit diploma heb ik de nodige kennis en de wettelijke examens afgelegd om het beroep te mogen uitoefenen. In 2017 ben ik dan uiteindelijk definitief kunnen beginnen in de zaak.

Is het niet onwennig om als vrouw in een mannenwereld terecht te komen?

Nee, totaal niet. Het heeft z’n voor en nadelen. Ik merk dat klanten mij soms toch anders zullen benaderen dan mijn collega Anthony.  Als vrouw bekijk je de dingen toch anders dan de meeste mannen.  Ook in aanpak verschillen we met onze mannelijke collega’s.  De female-touch, laten we maar zeggen.